The deserted village of Achill Island

Vandaag laat op weg gegaan omdat ik gisteren tot ver in  de avond tevergeefs bezig  ben geweest met het herstellen van de computer. Vanmorgen ben ik naar the deserted village nabij Doogort gereden. Een indrukwekkende ervaring! Lang gesproken met een lokale inwoner die heel veel van de geschiedenis wist en illustratief de verbinding kon leggen tussen de ‘kleine’ geschiedenis van individuele personen en de ‘grote’ geschiedenis van Ierland. Daarna de hoognodige boodschappen gedaan en na wat huishoudelijke klussen was de dag al weer voorbij.

Computerproblemen

Als ik pas rond 8.30 uur wakker word blijkt het een stralend heldere dag te worden. De temperaturen lopen op tot boven de 16 graden C. Gisteren nog pogingen gedaan om de computer te herstellen na een automatische update. Dat is niet erg goed gelukt, of liever gezegd helemaal niet gelukt. Om een betrouwbare reparateur te vinden heb ik contact opgenomen met William die ik een paar dagen geleden heb leren kennen. Hij heeft mij vanochtend een adres gegeven van een bedrijf waar hij zelf goede ervaringen mee had. Het komt goed uit dat dat bedrijf niet al te ver van de volgende route verwijderd is. En twee dagen zonder computer heeft eigenlijk alleen het nadeel dat de blog niet beschikbaar is met de nieuwe berichten. Morgenvroeg gelijk maar bellen om een afspraak te maken.

Een hoop stenen of een waardig monument?

Pas rond 10.00 uur ga ik op pad naar the deserted village op dit eiland. Dat is niet zo ver weg zoals alles hier niet ver weg is. Het eiland zal ca. 300 vierkante kilometer beslaan en dan ben ik nog aan de ruime kant. In essentie zijn er ook slechts 2 wegen beschikbaar. De eerste weg heb ik eergisteren al gereden hier naartoe. De tweede weg is vandaag aan bod.

Rond 10.30 uur kom ik aan bij the deserted village. De ca. 100 huizen liggen naast elkaar aan een ‘straat’ die nog vagelijk als zodanig te herkennen is. Het dorp ligt op de helling van de hoogste berg van Achill Island: Mount Slievemore. Sommige huizen bestaan slechts uit één ruimte andere uit twee ruimtes met soms zelfs een bijgebouw. De stenen muren zijn volgens een eeuwenoude methode opgebouwd door gestapelde stenen. Er is geen cement of iets dergelijks aan te pas gekomen. Wellicht werden de binnenmuren besmeerd met leem om de wind tegen te houden.

Ik verlaat het stenen pad en klim de heuvel op tussen de huizen door. De huizen zijn nog heel goed te herkennen en vaak ontbreekt er alleen het dak. Bovendien is goed te zien hoe het irrigatiesysteem werkte. Zeker nu het een paar dagen hard geregend heeft. Verticaal zijn duidelijk sleuven te herkennen die het overtollige water uit de veengrond moet afvoeren. Of zijn het gewoon de gevolgen van veenwinning. Of  van beide.

Dat wil niet zeggen dat de grond voor de rest droog is. In tegendeel zou ik zeggen want na een kwartier naar boven klauteren zak ik met een been ver weg in het veen met als gevolg dat ik bijna tot de helft van mijn dij kletsnat ben. Even later slaag ik er in dat ook met mijn andere been voor elkaar te krijgen.

De wat oppervlakkige reisgidsen suggereren dat het dorp verlaten is door de Famine (de grote hongersnood van 1847 tot 1850). Maar dat is slechts gedeeltelijk waar. Belangrijker is het om te weten dat dit dorp altijd een ‘booley settlement’ is geweest. Dat wil zeggen dat het huizen waren die slechts in een bepaald seizoen bewoond werden. Zo werd dit dorp in de zomer bewoond en voor de winter trokken ze naar een ander gebied. Nu wordt ‘booleying’ uiteraard niet meer toegepast maar dit dorp is de laatste locatie op Ierland geweest waar dit nog gehandhaafd werd.

Ik ga op een grote steen in het ‘dorp’ zitten om mijn broek uit te wringen en te laten drogen in de zon. Tegelijkertijd probeer ik me voor te stellen hoe het moet zijn geweest om hier te wonen in dit natte gebied met slechte grond en in huizen zonder ramen. Het grijpt me aan.

Na nog wat ‘gelopen’ te hebben door de ‘straat’ springend van de ene steen op de ander, en diverse huizen bekijkend, keer ik terug naar het stenige pad onderaan het dorp waar ik vanaf gekomen ben.

Ik kom een man tegen waarmee ik, na de obligate opmerking over het weer, in gesprek kom. Hij woont hier in de buurt en kent de verhalen over dit dorp nog van zijn grootouders. Ik vraag hem wat nu waar is van het verhaal dat het dorp verlaten is door de hongersnood. Hij zegt dat het een complexe geschiedenis is met vele facetten.

Wat hij weet is dat in de godsdienststrijd de protestanten en katholieken schandalig misbruik hebben gemaakt van de hongersnood om zieltjes te winnen of te behouden. Zo heeft een protestants missionaris de bevolking opgeroepen om het dorp te verlaten tijdens de hongersnood waarna ze gevoed zouden worden door de opkomende en groeiende protestantse gemeenschap.

De roomse pastoor dwong evenwel de bewoners te blijven en dat beetje honger maar te doorstaan. Zo niet dan zou hij voor excommunicatie zorgen.

Geen commentaar verder.

Ik loop weer door en dan stopt er een autootje naast mij met een bestuurder met twee honden. Weer de bekende opening van een gesprek door de zegeningen van het mooie weer te verwoorden. Daarna kom ik ook bij deze man weer te spreken over de geschiedenis.

In de eerste plaats stelt hij dat de hongersnood niet bestaan heeft. Mijn wenkbrauwen omhoog. Maar hij verklaart verder. Ja, inderdaad er was een aardappelziekte, maar die was er ook in Frankrijk, België, Nederland en Duitsland en daar heeft geen massaslachting plaats gevonden. Sterker nog: het fokken van schapen en varkens kende destijds een hoogtepunt in Ierland en ook het verbouwen van graan en stro. Maar deze producten werden onder dwang van de regering (destijds viel Ierland nog onder het bestuur van UK) en de grootgrondbezitters en de adel aanvankelijk geëxporteerd! Die hongersnood was dus helemaal niet nodig geweest als er fatsoenlijk en verantwoord zou zijn bestuurd!

Na de hongersnood is er veel in beweging gekomen. Groot conflict tussen Protestanten en Katholieken, burgeroorlog, afschaffen van het grootgrondbezit, Iers zelfbestuur. Ik heb in dat verband al eerder de rol van Daniël O’Connell (the liberator) genoemd.

We praten nog wat verder over elkaars leven. Hij kijkt tevreden terug op zijn leven. Maar maakt zich zorgen over de steeds groter wordende overheidsbemoeienis waardoor lokale beslissingen steeds minder toegestaan worden. Het heeft volgens hem verstrekkende gevolgen: mensen nemen allengs minder verantwoordelijkheid en lossen zelf hun problemen niet meer op. Bovendien merkt hij een toenemende angst voor het onbekende. De wereld wordt door die angst kleiner en kleiner voor het individu. Er is nauwelijks nog sprake van een open benadering van de ander. Er zit wat in.

Na ca. 5 uur door het dorp lopen en praten met deze openhartige en geschiedenisbewuste Ieren, rijd ik al nadenkend naar een winkel om mijn boodschappen te doen. De koelkast (en ook de overige kastjes) zijn bijkans leeg. Dus flink ingeslagen. O.a. de hier nog niet gegeten lamskoteletten voor vanavond.

Als ik terugkom komt er een mail binnen van William die mijn website bekeken heeft en die heel interessant vindt. Het roept tal van vragen bij hem op en hij vindt het jammer dat we niet de gelegenheid hadden om langer te praten. Dat vind ik eigenlijk ook wel en ik zal de komende dagen kijken of ik aan het eind van de reis niet een omweg kan maken (Ierland is niet zo groot) voordat ik scheep ga, om nog een avond met hem door te brengen.

Het einde van weer een bijzondere dag nadert. Wat is dit land en wat zijn de Ieren toch bijzonder! Weer grijpt het mij aan. Ik ga vanavond maar de lamskoteletten klaarmaken, volgens een Iers recept natuurlijk. Morgen naar de volgende route. En de computerwinkel.

 

 

 

 

Delen met je netwerk?
(Visited 11 times, 1 visits today)