Camperreis Schotland dag 26: Van New Lanark naar Edinburgh

Glasgow

Zoals gisteren geschreven wilde ik vandaag en morgen Glasgow en/of Edinburgh bezoeken. Ik twijfelde welke van de twee ik moest bezoeken maar tenslotte heb ik er voor gekozen om vandaag, de 26e dag van de Camperreis Schotland, naar Glasgow te reizen. En wat een goede keus is dat geweest!!! Ik heb er de hele dag doorgebracht.

Vanochtend na het ontbijt rond 8.30 uur vertrokken naar Glasgow. De keuze heb ik op het laatste moment gemaakt. Mijn nieuwsgierigheid naar Glasgow overwon het boven de zekerheid van een bezoek aan de mooie stad Edinburgh. Ruim 35 jaar geleden was ik al eens voor mijn werk naar Glasgow geweest en alhoewel ik toen niet zo veel gelegenheid had om iets van de stad te zien maakte hij destijds een sombere indruk op mij van een industriestad in verval met veel sociale problemen. Maar inmiddels is Glasgow Culturele Hoofdstad van Europa geweest en naar men zegt heeft dat de stad veel goed gedaan. Ik ben dus nieuwsgierig naar de veranderingen.

Plantenkas People’s Palace Glasgow

People’s Palace

Ik besluit om eerst naar het People’s Palace te gaan. Dat is een gebouw waar vroeger vanuit de sociaal democratische partij veel activiteiten ondernomen werden (vooral cursussen). Nu is het een museum voor sociale geschiedenis van de stad Glasgow. Aan het ‘paleis’ is een prachtige 19e eeuwse plantenkas gebouwd. Het ‘paleis’ ligt iets aan de rand van de binnenstad en ik denk dat het daar makkelijker is om een parkeerplaats te vinden. Van daaruit kan ik de bus naar de stad nemen. Er is inderdaad ruime gelegenheid om te parkeren. Als ik bij de ingang van het museum vraag of er een bus naar de stad gaat kijkt de suppoost mij verbaasd aan. Het blijkt maar 10 minuten lopen te zijn. Glasgow, met zijn 600.000 inwoners (ooit rond het begin van de 20e eeuw was dat 1.000.000 inwoners) moet dus over een heel compact centrum beschikken.

Het museum voor sociale geschiedenis is een beetje een ratjetoe van allerlei aspecten die met de sociale geschiedenis van Glasgow te maken hebben. Een paar vierkante meter eerste wereldoorlog een paar vierkante meter tweede wereldoorlog, een paar vierkante meter politie enz. Het is allemaal wat oppervlakkig en gefragmenteerd. Echter de ruimte waar de rol van de vakbonden en de woningsituatie van de Glaswegans (dus niet Glasgowers) wordt behandeld is erg de moeite waard. Er wordt ruim aandacht besteed aan de gruwelijke omstandigheden waarin men moest wonen. De hele stad was vrijwel in het bezit van vastgoedeigenaars. Vrijwel alle woonruimte werd verhuurd en de verhuurders maalden niet om de woonomstandigheden. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat socialistische partijen een grote aanhang hadden in deze stad.

Glasgow

Geen mooie stad, maar…

Na koffie te hebben gedronken in de mooie 19e eeuwse plantenkas loop ik naar het centrum toe. Het is in eerste instantie een teleurstellende ervaring. De stad ziet er verwaarloosd uit en de armoede straalt er van af. Veel mensen die er niet gezond uitzien of een gebrek hebben, veel mensen met obesitas, veel bedelaars en veel mensen met verwaarloosd uiterlijk. Maar ook veel uit de kluiten gewassen ‘echte’ Schotten. Ze zijn breder dan ze lang zijn en lopen in een enkel hemd rond alsof het zomer is. Heel veel pawn-shops en heel veel pubs en eethuisjes maar allemaal erg verwaarloosd, heel veel leegstand. In de binnenstad zijn er kiosken waar legale drugs worden verkocht, waarschijnlijk een poging om de handel in bedwang te houden. Het moet wel een stad zijn met veel sociale problematiek. Nog een erfenis van het verleden?

Maar er lopen ook opvallend veel jongeren rond die alternatief gekleed gaan. Het zijn er zoveel, merk ik in de loop van de dag, dat je het geen alternatieven meer kunt noemen maar dat het een grote groep is die een integraal onderdeel uitmaakt van de bevolking. Glasgow moet ook een muzikale stad zijn. Ik zie veel muziekwinkels waar instrumenten verkocht worden en hier en daar zie ik (waarschijnlijk privé) muziekscholen, toneelscholen en balletscholen. Ik zie nauwelijks toeristen rondlopen en het verbaast mij dat het jaar dat Glasgow culturele hoofdstad was niet meer welvaart met zich mee heeft gebracht dan ik nu kan waarnemen.

De eerste indruk was dus niet best. Maar in de loop van de dag gaat die indruk 180 graden om. Ik loop uren door de stad en laat hem op mij inwerken. En dan begin ik de stad beetje bij beetje te begrijpen. Het mooie van de stad is niet te vinden in de schoonheid er van of in de welvaart er van maar de vibrerende vitaliteit en openheid van deze stad. Ieder uur dat ik er rondloop word mij dat steeds duidelijker.

Tijdens het wachten voor het stoplicht word ik aangesproken door een vrouw die voortdurend haar legging optrekt. Het zal wel aan mij te zien zijn dat ik een toerist ben. Ze wil weten waar ik vandaan kom en wat ik van de stad vind. Ze lijkt oprecht geïnteresseerd te zijn in mijn bevindingen. Als ik iets aan een politieagent vraag dan neemt hij uitvoerig de tijd om met mij te praten. Heel open mensen waar ik even aan moet wennen. Maar het voelt alsof je erg welkom bent.

Family Run

In het echte centrum van de stad waar het inmiddels behoorlijk druk geworden is, zindert het van de levendigheid. Er is volop activiteit in de straten.

Family run Glasgow

Zo wordt er door de Bank of Scotland een ‘family-run’ georganiseerd voor financiële ondersteuning van het plaatselijke kinderziekenhuis. Duizenden kinderen met hun vaders en moeders doen er aan mee. In het ene geval rennen de kinderen enthousiast hun mijl uit gevolgd door ouders die inmiddels de tong op de schoenen hebben hangen. In het andere geval rennen de ouders vitaal door de straten en weigert het kind nog een stap te zetten hetgeen luid brullend bekend wordt gemaakt. Dan maar op de schouders van papa. De kinderen worden flink toegejuicht en aangemoedigd met high fives door het talrijke publiek. De wat oudere man van de foto hierboven werd enkele ogenblikken na de foto geveld door een kleuter. De kleuter die zijn motoriek nog niet helemaal onder controle had trof de man recht en hard in zijn gezicht. Man tegen de vlakte. Komisch op zich maar te pijnlijk om te fotograferen.

Bij de finish zijn er ook nog tal van sportactiviteiten. O.a. een hindernisbaan. Tot wanhoop van de leider van deze activiteit zien de kinderen de hindernis niet als iets waar je overheen moet springen maar die je omver moet schoppen. Na een paar pogingen om het uit te leggen geeft hij het maar op.

Talentvolle straatartiesten

In de binnenstad zijn ook heel veel straatartiesten aanwezig. En niet het soort zoals je vaak in Nederland ziet, die je liever kwijt dan rijk bent, maar heel goede zangers die een heel eigen geluid en interpretatie hebben. Ze volgen niet slaafs de modetrends zoals dat tegenwoordig tot uiting komt in heel hard zingen (of wat daar voor door moet gaan) of het geluid voortbrengen van een dichtgeknepen kleinemeisjes-stem. Het is echt opmerkelijk die kwaliteit.

Een jonge vrouw zingt enkele liedjes van Leonard Cohen op een werkelijk uitstekende en heel eigen manier. Ik maak wat foto’s van haar. Als ze even pauze houdt gooi ik wat geld in haar bakje en zeg haar dat haar interpretatie vrijwel gelijkwaardig is aan die van Cohen zelf. Ze lacht er verlegen  om en bedankt me voor het compliment. Vervolgens vraagt ze me of ze even de foto’s mag zien die ik gemaakt heb. Ze kunnen haar goedkeuring wegdragen. We raken aan de praat en ik vertel haar verbaasd te zijn over de kwaliteit van de straatartiesten. Ze denkt dat dat ligt aan de intensieve aandacht die er besteed wordt aan het maken van muziek in Schotland. Binnen haar familie werd heel veel met elkaar gezongen en dat gebeurt in heel veel families.

Straatzanger Glasgow

Ik zeg haar ook dat het mij verbaast dat de stad zo vibrerend actief is. Ze bevestigt dat. Dat is volgens haar vooral op gang gekomen nadat Glasgow culturele hoofdstad van Europa was. Het was net of het een bevestiging was van de kwaliteiten die de stad al had maar die wakker gemaakt moest worden. Nu is men zich daarvan bewust. Men erkent de sociale problematiek, men erkent de relatieve armoede maar binnen die beperkingen weet men een heel eigen draai aan het leven te geven. Ik zeg haar dat ik daar diep van onder de indruk ben.

We praten nog wat verder over onze favoriete songs van Leonard Cohen. Beiden hebben we een voorkeur voor een van de minder bekende songs van hem: ‘Closing Time’, een welhaast surrealistische impressie van het laatste openingsuur van een pub. Ook het bekendere ‘Take this Walz’ is bij ons beiden favoriet. Ze heeft het op haar repertoire staan en belooft het straks te zingen.

Dan praten we nog wat door over ons dagelijks leven maar uiteindelijk moet ze weer geld gaan verdienen dus ze begint aan haar volgende ronde met Cohen liedjes. Ik luister nog een keer. Naast mij staat een oude man die de tekst van ‘Take this Walz’, voor zover ik dat kan beoordelen, foutloos meezingt. Ook hij heeft bewondering voor haar talent: ‘well done, love!!!’ roept hij haar toe.

Er is ook een goochelaar die zijn kunsten vertoont. Kleine kinderen staan met open mond naar de diverse verdwijn- en wisseltrucs te kijken. Er komt een kleine groep pubers bij staan en zoals zo vaak zie je dan dat ze in eerste instantie niet zo goed weten hoe ze moeten reageren. De ene helft gaat helemaal op in de goocheltrucs, de andere helft vindt zichzelf te oud om dat nog leuk te vinden en staan er met een quasi-verveeld gezicht bij maar laten zich later toch meeslepen nadat de goochelaar ze betrekt bij zijn trucs.

Stadswandeling

Daarna ga ik naar de Gallery of Modern Art. Zoals veel musea is de toegang gratis want zo staat er geschreven bij de ingang: de kunst is van het volk. De Gallery of Modern Art is de meest bezochte kunstgalerij van Schotland. Er zijn een paar mooie werken te zien maar ik kan me er niet goed op concentreren. De stad als stad boeit mij veel meer en ik wil liever nog een paar uur door de stad lopen om verdere indrukken op te doen. Dat doe ik dan ook maar. Ik zwerf door willekeurig wat straten heen. Ik bezoek het mooie centraal station en ik zie enkele mooie art-nouveau huizen in het overigens victoriaans gedomineerde centrum en laat alles verder op mij inwerken.

Rond 18.00 uur keer ik terug naar de camper en verlaat met tegenzin deze ongemeen boeiende stad. In een van de gidsen stond: ‘het is een stad waar je van houdt of waar je een hekel aan hebt.’ Ik kan me die bewering goed voorstellen. Je moet er niet heengaan om een mooie stad te zien waarbij je op iedere hoek van de staat een ohhhh of ahhhh moet laten horen maar het gaat om het ongrijpbare, om de sfeer die de stad uitstraalt. Ik ken geen stad die zo weinig moois laat zien maar die zo veel atmosfeer heeft en ik ben blij dat ik de keuze gemaakt heb om deze stad te bezoeken.

Ik rijd via de snelweg naar Edinburgh toe dat ik morgen zal bezoeken. Ik ben benieuwd wat daar mijn ervaringen zullen zijn. Voor de overnachtingsplek heb ik voor een camping gekozen omdat ik vers water moest hebben en omdat ik mijn afvalwater moet lozen. Het is een camping niet ver van de stad af waar ik morgen met het openbaar vervoer naar toe kan reizen.

Ik overdenk de dag nog eens en verbaas mij er over hoezeer Glasgow mij geraakt en ontroerd heeft. En ook hier, het zit hem niet in het fysiek van de stad op zich maar het zit hem in de mensen die er iets moois van maken. Glasgow is als de highlands: rauw en hard maar met een onweerstaanbare charme.

(Visited 28 times, 1 visits today)
Share: